vriendinnen op terras 04/25/2009
Ze wisten niet of ze vereerd moesten zijn of zich ernstig zorgen moesten maken toen een vrouw aan ze vroeg of ze de nachtburgemeesters van Amsterdam waren. 1 Comment Ratten en reigers 04/20/2009
Ik was achttien, klaar met de middelbare school en ik kon overal naartoe. Naar Oost-Europa, Rio de Janeiro, Azië, New York, Berlijn. Maar ik vertrok naar de stad een kilometer of dertig boven mijn geboortedorp, nam mijn intrek in een kamer waar ik vocht tegen muizen en ratten en een sluimerende eenzaamheid, ondanks de muizen en de ratten en de warme kroegen met mooie vrienden. Op weg naar werk... 01/27/2009
Liefde is sterker dan een regenbui. Ondanks een natte lente en witte wintermaanden houdt het krijt al sinds het Paasfeest stand. Iedere keer betrap ik me op een licht gevoel van euforie wanneer ik er langsfiets. Het staat er nog. In deze straat waar het ’s ochtends naar oud bier ruikt en er ’s middags Oost-Europeanen messen slikken voor dronken toeristen, geven deze woorden nog wat hoop. Net als kinderstemmen op begrafenissen. Of alcohol op een bedrijfsuitje. De zoen begin ik me langzaamaan toe te eigenen, zoals verhalen van goede vrienden soms de jouwe worden. Ik weet niet of dit een eerste zoen ooit was, of een eerste zoen met iemand van betekenis. Ik denk het laatste, het is geen plek waar jonge tieners zich (zouden moeten) ophouden. Zij, ik vermoed dat zij het was, heeft het er later op geschreven. Een eerste zoen bestaat alleen bij de gratie van een tweede zoen. Voor hun tweede zoen noemden ze het waarschijnlijk nog de 'grote zoen'. Het was geen hongerige zoen, niet wild en onstuimig. Met handen overal. Het was een zoen tussen twee mensen die wisten dat ze de tijd hadden. Of er in ieder geval niet mee in gevecht wilden gaan. Hij zei dat ze mooi was. En zij was nooit mooier. Maar dat wist hij toen nog niet. | Ik ben geboren in de zomer van 1981, was redacteur bij Propria Cures, had een feuilleton in HP de Tijd, een column in NRC en Het Parool en schrijf regelmatig voor Hard gras. Voor Het Parool keek ik twee seizoenen naar voetballers en materiaalmannen van Ajax en schreef daarover vijf keer per week de rubriek Staanplaats. In april 2008 debuteerde ik met de verhalenbundel ´Ik weet hoe jongens huilen´. Mijn Ajax-columns zijn in juni 2011 gebundeld in ‘Alle dagen Ajax.’ Mijn idool is een kruising tussen mijn oma zaliger, een paar van mijn beste vrienden en Dennis Bergkamp. Ooit ga ik weer een boek (fictie) schrijven.
CategoriesAll Archief
Februari 2012 |

RSS Feed